Réflexions sur l'Evangile

10th Sunday of Ordinary Time

Mark 3: 20 - 35

Sunday Gospel Reflection by Sister Nina Vandamme

Publié: June 10, 2018


Wie van ons kent na een drukke dag niet dat gevoel van:  “en nu naar huis, iets eten en wat rust nemen”?  Ook Jezus heeft ermee te maken.  Op hetzelfde moment echter is er een menigte die zich opdringt en Hem niet laat gaan, want er is zoveel dat in de hoofden gonst én van mond tot mond wordt doorverteld. 

Het is alert zijn, want je hoort veel verschillende meningen in een massa.  Ben ik in staat een kritische houding aan te  nemen om het kaf van het koren te onderscheiden?  In het evangelieverhaal zijn verschillende meningen aanwezig.  Op zich is dat geen probleem, maar als de geest van jaloezie, macht, wantrouwen en eer de overhand neemt, worden verhalen verteld die anderen verdacht maken, kleineren, ja zelfs tot hellekind maken.  Het overkomt Jezus.  Hij wordt tot zondebok gemaakt:  “niet meer bij zijn verstand, bezeten door Beëlzebub”.

Hij die ons voorgaat in het Mens-zijn, wordt zo tot een “absoluut te mijden persoonlijkheid” gemaakt, want … Hij is door de duivel bezeten!  Zou het niet veeleer de massa zijn (of een deel ervan) die door de duivel bezeten is?

Hoe reageer ik als ik mij in een massa bevind?

Van de kant van Jezus komt geen verweer, integendeel.  Hij komt met een gelijkenis om duidelijk te maken wat er gaande is.  Hij wil aangeven wat een kwaad het met zich meebrengt wanneer verdeeldheid wordt gezaaid.  Verdeeldheid werkt destructief.  Zien we dit niet gebeuren in elke samenlevingsvorm:  gemeenschap, gezin, parochie, stad, land, wereld?  Het spreekwoord:  “Verdeel en heers” is nog steeds actueel.  En is dit nu “net niet het tegengestelde” van wat Jezus ons voorhoudt?  Verdeeldheid maakt kapot, vernietigd!  Waar werk ik als mens aan mee?  Zaai ik eenheid of verdeeldheid?  Waar gaat het om in het diepst van mezelf?

Jezus is duidelijk, misstappen begaan we allemaal, zonder uitzondering.  Maar de Vader, die barmhartig is, staat altijd klaar met zijn vergeving.  Slechts één zonde is van blijvende duur:  de zonde tegen de H. Geest.  Als ik bewust handel tegen alle inzichten die me in het evangelie aangereikt worden.  Als ik de ander tot een hellekind maak, pertinent weiger mee te bouwen aan Gods Rijk.

De vijandige geest wil zelfs Jezus’ verwanten tegen hem opzetten.  En ook hier blijft Jezus diegene die kalmte en koelbloedigheid bewaart en door een blik en een woord duidelijk maakt dat het gaat om mijn “daden”.   Leef ik naar Gods verlangen?  Leef ik een leven van “liefde” waar gemaakt in daden?  Uiteindelijk is het dat wat God verlangt.  Dan pas kan ik echt Jezus’ verwante zijn!

Ter overweging: Hoe sta ik in een groep:  verdelend, verbindend?  Waarop is mijn aandacht gericht?  Laat ik me leiden door het evangelie? Heul ik mee met de massa of durf ik tegenwind geven?  Durf ik in respect voor andere meningen, zeggen dat ik de zaken anders zie? Durf ik ervoor uitkomen te behoren tot de groep die naar Jezus luistert, die verlangt lief te hebben naar Gods verlangen?

« Voir tout Évangile Reflections